Risicofactoren en vooruitzichten

De classificatie van het kortlopende politieke risico voor Kenia is sinds 2010 stabiel. Er is voldoende liquiditeit. De deviezenreserves houden gelijke tred met de groeiende export en zijn goed voor iets meer dan drie maanden importdekking. Het commerciële risico blijft hoog, mede onder invloed van sterk aanwezige corruptie, maar de hogere economische groei is veelbelovend en de monetaire onzekerheid en de wisselkoersrisico's zijn afgenomen.

In de komende jaren kan de economische groei verder stijgen. Verschillende factoren kunnen hiertoe bijdragen: politieke stabilisering na de relatief vreedzame verkiezingen, Kenia’s positie als regionaal knooppunt voor handel en diensten, een stabielere munt en de recente ontdekking van nieuwe oliebronnen. Deze olievondsten kunnen Kenia’s huidige energie-afhankelijkheid sterk reduceren. Maar als het land zijn enorme potentieel wil kunnen omzetten in reële vooruitgang, zal het ook nog een reeks uitdagingen moeten aanpakken. De verdeeldheid tussen etnische groepen en stammen blijft voor heel wat wrijving zorgen, en met een mogelijk proces van het Internationaal Strafhof tegen de nieuwe president en zijn vicepresident in het vooruitzicht, kunnen de politieke stabiliteit en internationale relaties onder druk komen te staan. Bovendien moet werk worden gemaakt van de corruptie en de knelpunten in de infrastructuur, en moet de olie-exploratie zorgvuldig worden aangepakt. Intussen blijft het land kwetsbaar voor terroristische aanslagen.

Feiten & cijfers

Pro's

  • Regionaal knooppunt voor handel en diensten
  • Vreedzame verkiezingen kunnen vertrouwen investeerders herstellen
  • Olievondsten kunnen economie aanzwengelen en energie-afhankelijkheid verminderen
  • Schuldpeil blijft houdbaar

Contra's

  • Veel voorkomende armoede en regionale ongelijkheid
  • Stabiliteit kwetsbaar voor verdeeldheid tussen etnische groepen en stammen
  • Structureel tekort op lopende rekening
  • Corruptie

Voornaamste exportproducten

  • private transferten (23% ontvangsten lopende rekening), thee (14,7%), toerisme (6,7%), verwerkte goederen (5,3%), tuinbouw (4,6%)

Inkomensgroep

  • lage inkomens

Inkomen per capita (USD)

  • 820

Bevolking

  • 41,6 miljoen

Electoraal stelsel

  • presidentieel: termijn van vijf jaar. Volgende verkiezing: 2018
  • parlement: termijn van vijf jaar. Volgende verkiezing: 2018

Premier

  • functie afgeschaft onder nieuwe grondwet

Staatshoofd en regeringsleider

  • president Uhuru Kenyatta

Beoordeling landenrisico

Opluchting na vreedzame verkiezingen

In maart hebben in Kenia algemene verkiezingen plaatsgevonden, de eerste sinds december 2007. Toen is geweld uitgebroken doordat de resultaten van de presidentsverkiezing betwist werden, wat meer dan duizend doden en de ontheemding van honderdduizenden mensen heeft gekost. Ook dit jaar werd in sommige delen van het land melding gemaakt van kleinschalig politiek geweld, maar het kwam geenszins tot een herhaling van de gebeurtenissen van 2007-2008. De relatief vreedzame recente verkiezingen waren dan ook een grote opluchting voor de Kenianen. Er werd een nieuwe president, een lagerhuis, een senaat, nieuwe districtsraden en gouverneurs verkozen. Het waren tevens de eerste verkiezingen onder de nieuwe grondwet van 2010. De leider van de Jubilee-coalitie, Uhuru Kenyatta, de zoon van 's lands eerste president en een van de rijkste mensen van het land, werd verkozen tot president. Verrassend genoeg behaalde hij zijn zege al tijdens de eerste ronde, met iets meer dan 50% van de stemmen.

Uittredend premier Raila Odinga kreeg slechts 43% van de stemmen achter zijn naam. Odinga was het aanvankelijk niet eens met het resultaat, maar legde zich daarna wel neer bij de uitspraak van het Hooggerechtshof. In de grondwet van 2010 is bepaald dat bevoegdheden moeten worden overgedragen op de 47 districten. Van die decentralisatie zullen de nieuwe president en zijn regering verder werk maken. Zo zullen zij in verregaande mate hun stempel kunnen drukken op de structuur en de uiteindelijke werking van gedecentraliseerde instellingen en districtsraden. President Kenyatta heeft nauwe banden met de bedrijfswereld in Kenia en was in het verleden minister voor Handel en Financiën onder de vorige eenheidsregering. Daarom wordt niet meteen verwacht dat het nieuwe bewind ingrijpende gevolgen zal hebben voor het zakenklimaat.

Politieke spanningen nog niet volledig van de baan

De verkiezingen zijn stabiel verlopen, maar het gevaar voor politieke spanningen is nog niet geweken. Zowel president Kenyatta als vicepresident Ruto worden aangeklaagd voor het Internationaal Strafhof in Den Haag. Ze worden er allebei van beschuldigd een belangrijke rol te hebben gespeeld in de gewelddadige gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan na de verkiezingen van 2007, toen ze nog politieke tegenstanders waren en rivaliserende presidentskandidaten steunden. Terwijl de dreiging van het Strafhof hun politieke alliantie bij de verkiezingen schijnbaar geen windeieren heeft gelegd, kan hun proces de komende maanden wel voor bijkomende moeilijkheden zorgen. Het proces van vicepresident Ruto is onlangs uitgesteld, tot een niet nader genoemd tijdstip, maar het proces van president Kenyatta zou reeds de eerste helft van juli moeten aanvangen, en lang kunnen aanslepen. Beiden ontkennen de aanklachten, en Kenyatta heeft beloofd te zullen meewerken met de internationale organen. De aanstaande processen zetten wel een domper op de diplomatieke betrekkingen met de EU en de VS. Niemand weet hoe hun proces zal eindigen, maar er zouden problemen kunnen ontstaan indien een van de hooggeplaatste beklaagden het Internationaal Strafhof probeert te ontlopen. Bovendien kan de stabiliteit in het binnenland onder druk komen te staan indien één van hen wordt veroordeeld. De regeringsalliantie tussen de voormalige rivalen, die elk hun eigen etnische achterban hebben, zou zo kunnen worden verzwakt. Etnische verdeeldheid speelt immers nog steeds een grote politieke en electorale rol in Kenia en het stemgedrag wordt in hoge mate bepaald door etnische afkomst en banden.

De nieuwe regering staat voor nog een aantal uitdagingen: wijdverbreide armoede en ongelijkheid tussen regio's, onveiligheid en aanhoudende corruptie, en gebrekkige infrastructuur. Ook moet de energiesector worden ontwikkeld. Kenya staat slechts op de 139e plaats in de corruptie-index van Transparency International en de voorbije jaren hebben corruptieschandalen ook hoge administratieve niveaus getroffen. Door Kenia's militaire interventie in Somalië in 2011 is het land, dat eerder al is getroffen door aanslagen van Al-Qaeda, kwetsbaar voor aanvallen van Somalische militanten.

Kwetsbaarheid voor weersomstandigheden, en zwakke verwerkende sector

Kenia is de grootste economie van Oost-Afrika, nipt gevolgd door buurland Ethiopië. Het land fungeert als een regionaal knooppunt voor transport en logistiek. De Keniaanse economie heeft een zwakke industriële sector (slechts 11% van het bbp) en een omvangrijke landbouw- en dienstensector. De landbouw is goed voor 30% van het bbp (en 14% van de ontvangsten op de lopende rekening), zodat de Keniaanse economie erg afhankelijk is van de weersomstandigheden. Vooral de droogtes die de regio treffen,  vormen een gevaar, zoals de zware droogte die Oost-Afrika in 2011-2012 trof. Dit jaar wordt verwacht dat de groei zal toenemen tot 5,9%, komende van 4,5% de voorbije twee jaar, toen de Keniaanse economie niet alleen te lijden had onder de slechte weersomstandigheden, maar ook onder een flinke koersdaling van de munt, inflatie in de dubbele cijfers en het strenge monetaire beleid dat daarop volgde (zie hieronder). De sterkere groei tijdens het huidige begrotingsjaar, dat afloopt op 30 juni, werd geschraagd door de landbouwproductie en de stroomproductie op basis van waterkracht (+ 27% tegenover vorig jaar). Beide waren mogelijk door de betere weersomstandigheden. Dit vormt een tegengewicht voor de onzekerheid rond de recente verkiezingen, een daling van de inkomsten uit toerisme, die onder druk stonden door de onzekere veiligheidssituatie en de zwakke economie in Europa. Het aantal Europese toeristen, dat 44% van het totale aantal vertegenwoordigt, is vorig jaar met bijna 10% gedaald.

Diensten en olie hebben positieve invloed op vooruitzichten

Meer dan de helft van de economische productie vloeit voort uit de dienstensector. Daar wordt het grootste deel van economische groei op langere termijn gerealiseerd, vooral in het transport, het toerisme en de telecommunicatie. Kenia is een wereldleider geworden op het vlak van "mobile money", een veel gebruikt systeem voor betalingen per mobiele telefoon met de naam M-Pesa. Deze mobiele betalingsrevolutie heeft ervoor gezorgd dat financiële basisdiensten gemakkelijker beschikbaar werden voor al wie een mobiele telefoon heeft. In een uitgestrekt land als Kenia heeft dit dan ook een positieve impuls gegeven aan de economie.

Kenia_Graph1NL

De vooruitzichten qua economische groei zijn positief: de economische activiteit zal de komende jaren naar verwacht met meer dan 6% per jaar groeien. De gemiddelde jaarlijkse economische groei in Kenia  zat de voorbije tien jaar één procentpunt onder de groei van Sub-Sahara-Afrika, maar het IMF verwacht dat het land het in de komende jaren beter zal doen dan de landen uit de regio. Er wordt verwacht dat de economische activiteit zal toenemen naarmate de politieke onzekerheid rond de recente verkiezingen afneemt. Verdere positieve effecten worden verwacht indien ook de knelpunten in de infrastructuur worden teruggedrongen, de dienstensector (financieel, telecom en regionale handel) verder wordt uitgebouwd, en de regionale handel en de exploratie van de olie- en kolensector toeneemt. De ontdekking van grote, commercieel exploiteerbare oliereserves in de noordelijke regio Turkana in 2012 heeft gezorgd voor positieve vooruitzichten qua energie-afhankelijkheid. De olie-exploratie staat echter nog in haar kinderschoenen, en het kan nog zes jaar duren vooraleer de productie van start kan gaan. In tussentijd kunnen milieuvraagstukken en het toekomstige wettelijk kader een invloed hebben op verdere ontwikkelingen in de oliesector.

Olie-exploratie weegt op tekort lopende rekening maar kan in de toekomst voor overschot zorgen

De laatste keer dat Kenia erin slaagde af te sluiten met een overschot op de lopende rekening was in 2004. Daarna is Kenia’s tekort op de lopende rekening sterk gestegen, en bereikte in 2011-2012 een  tekort van 9,2%. Al sinds jaar en dag importeert Kenia aanzienlijk meer dan het exporteert. Het tekort op de handelsbalans bedraagt dan ook meer dan 20% van het bbp. Een groot deel van dit structureel tekort  is ontstaan doordat Kenia enorme hoeveelheden energie invoert. Olie vertegenwoordigt meer dan een kwart van de totale goedereninvoer en Kenia’s energiefactuur is hoger dan het totale tekort op de lopende rekening. Dankzij recente olievondsten kan hier op langere termijn verandering in komen. De sector van  de olie-exploratie en -productie heeft wel gespecialiseerde machines en apparatuur nodig, zodat de import van dit soort kapitaalgoederen eveneens is toegenomen. De invoer van kapitaalgoederen, die deels worden gefinancierd door directe buitenlandse investeringen, neemt eveneens een kwart van de Keniaanse goederenimport in. Indien deze kapitaalgoederen, die op langere termijn voor extra inkomsten zouden moeten zorgen, niet worden meegerekend, zou de lopende rekening voor dit jaar zelfs een overschot vertonen (1,2% van het bbp). Intussen blijven private transferten heel belangrijk voor het land (het leeuwendeel komt van Keniaanse expats in Noord-Amerika), goed voor bijna een kwart van de ontvangsten op de lopende rekening. Kenia heeft ook een relatief sterke staat van dienst als het op de export van diensten aankomt. Diensten maken nóg een kwart van de inkomsten op de lopende rekening uit, meestal dankzij toerisme en transport. De voorbije jaren zijn de tekorten op de lopende rekening gefinancierd door sterke en toenemende directe buitenlandse investeringen, en door concessionele kredieten op middellange en lange termijn van publieke crediteuren. Ook de kortlopende concessionele kredieten zijn echter toegenomen. Later dit jaar wil Kenia 1 miljard dollar ophalen door zijn eerste staatsobligaties uitgeven op de internationale markt.

Stabilisatie van markante prijs- en wisselkoersevoluties in 2011

Naarmate het tekort op de lopende rekening verder toenam, gedreven door de sterk stijgende olieprijzen en groeiende voedselimport, verloor de Keniaanse shilling 25% van zijn waarde ten opzichte van de Amerikaanse dollar tussen januari en oktober 2011. Een maand later bereikte de inflatie een peil van 20%. Daarop volgde een agressief monetair ingrijpen door de centrale bank: de Central Bank Rate (CBR) werd in vier maanden tijd verhoogd met 11% percentpunt, tot 18%. Doordat ook de wereldvoedselprijzen daalden en de landbouwproductie verbeterde, gingen de prijzen nog in 2012 aan het dalen. Sindsdien werd het monetaire beleid geleidelijk versoepeld (de CBR staat nu op 8,5%) en de inflatie is in april teruggelopen tot zo'n 4%, wat wel een lichte stijging is ten opzichte van de 3,2% in december).

Kenia_Graph2NL

Staatsfinanciën blijven nog onder controle

Hoewel de Keniaanse overheid sinds 2004 een begrotingstekort (inclusief giften) van meer dan 4% van het bbp heeft opgetekend, is het land erin geslaagd de staatsschuld op een draagbaar peil te houden. Voor het huidige begrotingsjaar wordt de staatsschuld geschat op 43,7% van het bbp, wat een daling is tegenover de 44,5% van vorig jaar. Volgens berekeningen van het IMF zal het percentage de volgende jaren verder dalen. Bijna de helft van de staatsschuld is buitenlandse schuld. De inkomsten als  percentage van het bbp zouden moeten blijven stijgen, zij het lichtjes, met zo'n 0,5% tegen 2015/16, en dit voornamelijk door hogere btw-ontvangsten en inkomstenbelasting. De openbare bestedingen zouden in termen van bbp teruglopen omdat het dalende percentage van lopende uitgaven naar verwacht ruimschoots tegengewicht zal bieden voor de verhoogde ontwikkelingsuitgaven.

Ook externe financieringssituatie blijft beheersbaar

Sinds 2006 is Kenia's buitenlandse schuld onder de 30% van het bbp gezakt. Volgens de recentste cijfers van het IMF zal dit tegen het einde van het jaar op 23% van het bbp komen, of zo'n 70% van de ontvangsten op de lopende rekening, wat een aanvaardbare schuldgraad is. Waarschijnlijk wordt in dit cijfer echter de toename van particuliere buitenlandse schulden tijdens de voorbije jaren onderschat.

Daardoor zou het buitenlandse schuldpeil eerder boven de 35% van het bbp uitkomen en meer dan 100% van de ontvangsten op de lopende rekening. Belangrijk om te weten is dat Kenia in tegenstelling tot zijn buurlanden nooit schuldkwijtschelding heeft gekregen in het kader van het Heavily Indebted Poor Countries (HIPC) of Multilateral Debt Relieve Initiative (MDRI). Tussen 1994 en 2004 heeft Kenia echter drie keer een schuldbehandeling verkregen van de Club van Parijs. De buitenlandse schuld werd daarbij herschikt onder concessionele voorwaarden. Kenia lost zijn schulden nu keurig af, en het IMF heeft bevestigd dat de achterstallen op de buitenlandse schuld eind vorig jaar van technische aard waren en intussen zijn terugbetaald. Door een opstoot in de kapitaalinstroom op korte termijn de voorbije jaren, zouden Kenia's kortetermijnschulden volgens sommige schattingen op bijna 40% van de exportontvangsten kunnen komen, waardoor de liquiditeitssituatie van het land in zekere mate kwetsbaar wordt voor volatiele kapitaaluitstromen in het geval van een plotseling ongunstig voorval. De deviezenreserves zijn de voorbije jaren mee gestegen met de stijgende import, gesteund door een overschot op de financiële en kapitaalrekening, dat zwaarder woog dan het tekort op de lopende rekening. De deviezenreserves zijn begin dit jaar licht gedaald maar zijn nu goed voor ongeveer 3,3 maanden import, wat net boven de algemene benchmark van drie maanden ligt.

Analyst: The Risk Management Team, l.vancauwenbergh@credendogroup.com